Easylin
Onderzoeksresultaten januari 2026
Introductie
De opstartfase van de lactatie is bepalend voor het verdere verloop van voeropname, melkproductie en lichaamsconditie van melkkoeien. In deze periode staan koeien onder verhoogde metabole druk en is een stabiele overgang naar lactatie cruciaal om negatieve energiebalans, conditieverlies en een verminderde persistentie te voorkomen. In dit praktijkonderzoek is onderzocht hoe Easylin, een heet geëxtrudeerd lijnzaadproduct, bijdraagt aan de opstartfase van de lactatie wanneer het wordt toegepast als onderdeel van een volledig gemengd rantsoen (TMR).
Methode
Het onderzoek is uitgevoerd bij verse melkkoeien in het begin van hun lactatie. Bij aanvang van de experimentele periode bedroeg het gemiddelde aantal dagen in melk (DIM ± SD) 74,1 ± 12,5 dagen voor het controlerantsoen, 71,2 ± 15,1 dagen voor het lage Easylin-niveau en 79,8 ± 14,6 dagen voor het hoge Easylin-niveau. Dit duidt op een vergelijkbare uitgangssituatie tussen de groepen.
Easylin werd homogeen verwerkt in het volledig gemengde rantsoen (TMR). Drie rantsoenen werden met elkaar vergeleken:
- Controle: TMR zonder Easylin
- Easylin Laag: 0,75 kg Easylin per koe per dag
- Easylin Hoog: 1,5 kg Easylin per koe per dag
Tijdens de onderzoeksperiode zijn droge-stofopname (DMI), melkproductie (kg), vet- en eiwitgecorrigeerde melk (FPCM), melkgehalten (MPR), voorkeursgedrag en lichaamsconditie (BCS) gevolgd. Daarnaast zijn vruchtbaarheidskenmerken beschrijvend geëvalueerd.
Voeropname en zoekgedrag
Koeien die Easylin ontvingen lieten een hogere droge-stofopname zien dan koeien op het controlerantsoen. Dit verschil werd zichtbaar vanaf circa drie weken na start van het onderzoek en hield aan in de daaropvolgende periode. Vanaf dit moment lag de voeropname bij de Easylin-rantsoenen gemiddeld circa 3,5 tot 4,8 kg DS per dag hoger dan bij de controle. Een hogere dosering Easylin leidde niet tot een verdere verhoging van de totale DMI.

Naast opname liet ook het zoekgedrag duidelijke verschillen zien. Koeien zonder Easylin vertoonden aanzienlijk meer zoekgedrag richting Easylin-rantsoenen, wat wijst op een hogere aantrekkelijkheid en smakelijkheid van Easylin wanneer dit is verwerkt in het TMR-rantsoen.

Melkproductie en FPCM
Voor melkproductie en FPCM werd geen directe productiepiek waargenomen. Wel bleef de melkproductie bij de Easylin-rantsoenen beter behouden gedurende de opstartfase, wat wijst op een gunstiger productieverloop en betere persistentie. Gemiddeld lag de melkproductie circa 1,8 tot 2,0 kg per dag hoger dan bij het controlerantsoen.
Voor FPCM liet met name het lage Easylin-niveau (0,75 kg/d) een structureel hoger niveau zien, met een verschil van circa 2,0 tot 2,5 kg FPCM per dag ten opzichte van de controle.

Melkgehalten
Gemiddeld over alle MPR-meetmomenten liet het lage Easylin-rantsoen de hoogste melkcomponentproductie zien. De gemiddelde eiwitproductie bedroeg 1,50 kg/dag bij het lage Easylin-rantsoen, tegenover 1,40 kg/dag bij het controlerantsoen en 1,45 kg/dag bij het hoge Easylin-rantsoen. Voor vetproductie werd een vergelijkbaar patroon waargenomen, met gemiddeld 1,85 kg/dag bij het lage Easylin-rantsoen, 1,72 kg/dag bij de controle en 1,67 kg/dag bij het hoge Easylin-rantsoen.

Lichaamsconditie (BCS)
Koeien in de controlegroep startten met een iets hogere lichaamsconditie, maar vertoonden na enkele weken een duidelijkere daling in BCS. Koeien die Easylin ontvingen behielden hun conditie beter gedurende de opstartfase, met het meest stabiele verloop bij 1,5 kg Easylin per dag. Dit effect hing niet samen met een hogere totale voeropname, maar met een hogere opname van Easylin binnen hetzelfde rantsoen.
Vruchtbaarheid
Aan het einde van de onderzoeksperiode was 58,3% van de koeien in de controlegroep drachtig, tegenover 66,7% en 80,0% in respectievelijk het lage en hoge Easylin-rantsoen. Bij drachtige koeien bedroeg het gemiddelde aantal inseminaties tot dracht 2,00 ± 0,82 voor het controlerantsoen, 1,83 ± 0,75 voor het lage Easylin-niveau en 1,75 ± 0,71 voor het hoge Easylin-niveau. Deze combinatie wijst op een numeriek gunstiger vruchtbaarheidspatroon bij het hoge Easylin-rantsoen, met een hoger aandeel drachtige koeien en gemiddeld minder inseminatiepogingen.
Bewezen resultaat uit praktijkonderzoek
✓ Duidelijke voorkeur en hogere smakelijkheid
✓ Persistenter melkproductie
✓ Meer kg vet en eiwit
✓ Conditiebehoud & vruchtbaarheid
Easylin
Onderzoeksresultaten september 2025
Een van de uitgangspunten bij de start van het MIC (Melkvee Innovatie Centrum) was het kunnen testen van producten die wij tegenkomen in de markt. Dit kan een product zijn dat op de boer goed lijkt te functioneren of dat door een leverancier wordt aangeprezen. Van de producten die we getest hebben als zijnde “te mooi om waar te zijn”, hebben we vaak moeten concluderen dat dit inderdaad ook het geval is. Gelukkig kunnen we ook stellen dat producten als bijvoorbeeld de calciumbinder en synthetische aminozuren wél functioneren. We zijn trots dat we wederom van een nieuw product de toegevoegde waarde hebben kunnen aantonen: Easylin!
Wat is Easylin?
Het product Easylin bestaat voor het grootste gedeelte uit geëxtrudeerd lijnzaad. Extruderen wil zeggen dat het product onder hoge druk door een matrijs wordt geperst, waardoor er een popcorn-effect ontstaat en het voedermiddel binnenstebuiten gekeerd wordt. Vooral bij oliehoudende producten is het voordeel dat bij het extruderen de olie deels opgesloten blijft in de cellen, waar het bij malen volledig vrij aan de oppervlakte komt. Bij Easylin vindt het proces ook nog eens plaats bij een hoge temperatuur, waardoor er ongewenste stoffen (o.a. blauwzuur) vervliegen. Bijkomend voordeel is dat het eiwit bestendiger wordt. Het product heeft een poederige structuur en is donkerbruin van kleur.
Aanleiding van het onderzoek
Zowel van veehouders als van verkopende kanalen bereikten vragen en verzoeken GIJS om Easylin in het pakket op te nemen. Omdat er nog enige scepsis bestond over de voederwaarde en de werking van het product, heeft GIJS de boot nog even afgehouden. Dit voorjaar is echter besloten om het product in de RIC-feeders in te zetten en de prestaties te meten.
Opzet van het onderzoek
De RIC-groep is in drieën verdeeld en na een periode van gewenning is de groep verdeeld in controle (A), lijnzaad (B) en geëxtrudeerd lijnzaad (C). Zowel het effect ten opzichte van de normale basis als het effect van extrusie zijn op deze manier vastgesteld. De koeien in de groep zaten gedurende de testfase in de persisterende fase (post-peak), gemiddeld van 95 (start) tot 200 (einde) dagen in lactatie. Tijdens het onderzoek is één koe uit de vergelijking gehaald vanwege een uierontsteking, wat geen directe link met het onderzoek lijkt te hebben. Dit dier is uit de resultaten weggelaten. Halverwege het onderzoek hebben we iets gedaan wat we niet eerder gedaan hebben met producten in een onderzoek: het vermarkten van Easylin. De eerste resultaten waren zeer bemoedigend en de vraag naar Easylin bleef aanhouden.
Opvallende resultaten
In augustus is het onderzoek afgesloten. De volgende zaken hebben we vastgesteld:
- • De persistentie van Easylin is beter. Groep A en B daalden 0,08 kg melk per dag, Easylin 0,04
- • In percentages gedurende looptijd onderzoek:
– groep A -/- 14% ;
– groep B -/- 16% ;
– groep C -/- 7 % .
- • De Easylin-groep startte 1,7 kg ónder de controlegroep en eindigde daar 1,6 kg bóven. Een “winst” van 3,3 kg melk.
- • Bij de start van het onderzoek lag het vet+eiwit-volume van Easylin 180 gram lager dan de controlegroep, aan het einde was dit nog 60 gram. Een winst van 120 g/koe/dag.

De vet-kanttekening
We plaatsen echter wel een kanttekening met betrekking tot het vetgehalte. Het eiwitgehalte bleef uitstekend op peil en was voor alle drie de groepen gedurende de looptijd redelijk gelijk. Het vetgehalte van de Easylin-groep was wel beduidend lager. Bij de start was dit al de groep met het laagste vetpercentage. In een kg vet bleef het verschil ongeveer gelijk, maar door meer kg melk worden de percentages wel flink gedrukt. Een hoog vetpercentage is natuurlijk wenselijk voor een hoge melkprijs, maar voor verse koeien kan het ook een behoorlijke belasting zijn. Hoog vet betekent ook een hoge afgifte van energie, waar de verse koe al erg zuinig op moet zijn. Om die reden kan het beperken van het vetpercentage bij hoogproductieve koeien een positieve invloed hebben op zowel persistentie (hoge productie langer kunnen vasthouden) als levensduur en vruchtbaarheid (meer energie beschikbaar voor vitale processen).
Vervolgonderzoek
Inzet van Easylin lijkt om die reden vooral zeer geschikt voor koeien in de eerste 100 dagen van de lactatie. Om dit te onderbouwen gaan we op het MIC het onderzoek herhalen en uitbreiden met meer conditie- en vruchtbaarheidsvraagstukken. Aangezien niet iedere veehouder de mogelijkheid heeft de eerste 100 dagen anders te voeren, zullen we aansluitend onderzoek doen of we het vetgehalte kunnen ondersteunen, zonder afbreuk te doen aan de positieve effecten van Easylin!